Toondoof
Over triazool in het drinkwater van 363.000 West-Vlamingen — en een minister die niet luistert.
Op 27 maart stuurden de zeventien burgemeesters uit de Westhoek een gezamenlijke brief aan minister Brouns. Niet Vooruit. Geen actiegroep. De burgemeesters zelf. Van de zeventien burgemeesters die het Westhoekoverleg vormen, is de meerderheid lid van de meerderheidspartijen — inclusief de partij van minister Brouns zelf.
Ze schreven het letterlijk:
“Het is voor lokale besturen bijzonder moeilijk om aan inwoners uit te leggen waarom deze afwijking enkel voor de Westhoek geldt. Het feit dat voor één specifieke regio een andere norm wordt gehanteerd dan in de rest van Vlaanderen, versterkt het gevoel van onzekerheid en ongelijkheid bij de bevolking.”
Dat zijn niet mijn woorden. Dat zijn de woorden van de burgemeesters van de Westhoek.
Die brief is verstuurd. Geregistreerd. Aan zijn kabinet gericht. Je mag toch verwachten dat een minister hem leest.
Vijf dagen later liet vzw Proper Drinkwater weten dat minister Brouns op vrijdag 3 april zijn drinkwaterplan ongewijzigd wil laten goedkeuren.
Ondertussen staat ergens in Poperinge een onderwijzer voor zijn klas. Hij legt uit dat kraanwater veilig is. Dat je gewoon kunt drinken wat uit de kraan komt. Zijn leerlingen kijken hem aan. Hij zegt het met overtuiging. En ondertussen hoopt hij maar dat het klopt.
Ergens in de loop van de vorige eeuw heeft onze samenleving een sociaal contract gesloten. Geen handtekening, geen plechtigheid, geen document. Gewoon de zekerheid dat sommige dingen geregeld zijn. Dat er mensen zijn die erop letten. Dat je de kraan kunt opendraaien zonder je vragen te stellen. Dat het medicijn dat de apotheker je meegeeft de juiste dosering heeft. Dat het vlees dat je gisteren kocht gecontroleerd is. Dat het water uit je kraan gewoon veilig is.
Dat vertrouwen is kostbaar. Het is een van de mooiste dingen die een samenleving kan bouwen. Onzichtbaar, vanzelfsprekend, stil.
Maar in de Westhoek slijt dat vertrouwen.
Het slijt. Stilletjes, onopgemerkt, zonder dat iemand het aankondigt. Mensen zijn niet luid aan het schreeuwen. Nog niet. Maar wie goed luistert hoort iets anders groeien. Een ongemak. Een irritatie. Een stille woede die nog geen naam heeft gekregen maar er wel is.
Sociologen en politicologen waarschuwen er al jaren voor: de extreme polarisering in onze samenleving heeft zelden één grote oorzaak. Ze is opgebouwd uit een lange reeks kleine momenten waarop de overheid iets beloofde en niet leverde. Waarop burgers merkten dat de regels voor hen niet dezelfde waren als voor anderen. Waarop het vertrouwen niet plots brak — maar millimeter per millimeter wegsleet.
Veilig drinkwater is misschien wel het meest basale van alle publieke beloften. Als die niet meer kloppen, is er iets fundamenteels aan het schuiven.
Minister Brouns zou dat moeten horen. Want stille woede heeft de gewoonte om op het verkeerde moment luid te worden.
363.000 West-Vlamingen drinken water waarin triazool zit — een stof die er officieel niet in mag zitten. De Europese voorzorgsnorm van 0,1 microgram per liter wordt overschreden.
Zo sterk dat de Vlaamse overheid besloot de toegestane grenswaarde voor de Westhoek tijdelijk te verhogen. Van 0,1 naar 1 microgram per liter. Een vertienvoudiging. Enkel voor water afkomstig uit de Westhoek. Want ons water bevat nu eenmaal meer triazool dan elders.
Dit ís het beleid.
363.000 mensen. Bijna een derde van alle West-Vlamingen. Met een andere norm dan de rest van Vlaanderen.
De mama in Vleteren die haar peuter een glas water geeft zonder er bij na te denken. De verpleegkundige in Diksmuide die ’s nachts medicijnen oplost in water waar ze niet voor heeft kunnen kiezen. De onderwijzer in Poperinge die voor zijn klas staat en hoopt dat wat hij zegt klopt.
Mensen die elke dag vertrouwen. Die niet anders kunnen.
En toch.
De normverhoging haalde de kranten. Maar wat er daarna gebeurde niet. Alleseen een bijzin in een beleidsdocument: ‘beheerstrategie wordt toegepast.’
Een beheerstrategie zonder deadline is geen belofte. Het is een procedure die zichzelf beschermt tegen afrekening.
Het sociaal contract was al geschonden voordat de meeste mensen wisten dat er iets te schenden viel.
Maar artikel 23 van de Grondwet is ook geschonden. Elke Belg heeft recht op een gezonde leefomgeving. Elke Belg. Niet elke Belg buiten de Westhoek.
Nochtans kan het anders. Het plan bewijst het zelf.
Het plan stelt voor om voor metaldehyde — een middel tegen slakken dat jarenlang in onze waterlopen terechtkwam — een duidelijke lijn te trekken: beperking in 2027, verbod in 2030. Datum. Norm. Afdwingbaar.
Metaldehyde heeft één duidelijke bron. Triazool komt uit meer hoeken. Dat maakt het complexer — maar niet onoplosbaar. Want een complexer probleem vraagt niet minder ambitie. Het vraagt meer.
Je kunt de aanpak voor metaldehyde goed of slecht beleid vinden. Maar het ís beleid. Het is een overheid die zegt: wij zien het probleem, wij nemen onze verantwoordelijkheid, en op deze datum kun je ons afrekenen.
Voor triazool blijft de vraag onbeantwoord: wanneer is ons water weer proper?
En toch wil hij zijn plan morgen ongewijzigd laten goedkeuren? Dat is geen beleid. Dat is een keuze. En die keuze verdient een naam.
Toondoof.
Toondoof betekent: je hoort wel iets — maar je begrijpt de toon niet. Soms moet je een andere toon aanslaan.
Duizend bezorgde West-Vlamingen die zich verenigen, spreken een taal die elke minister verstaat.
Word lid van vzw Proper Drinkwater. Het is gratis. Elke stem telt.
Morgen ligt het plan op tafel van de Vlaamse Regering. Maar het is minister Brouns die het heeft geschreven. Het is minister Brouns die heeft beslist wat erin staat — en wat niet. Wat een datum krijgt — en wat een gedoogperiode.
Hij kan dat plan nog aanpassen. Hij heeft die keuze nog.
Het model staat zelfs in hetzelfde plan. Voor de ene stof is er een datum. Voor de andere een gedoogperiode die zichzelf geen gedoogperiode noemt.
De vraag is of hij het sociaal contract serieus genoeg neemt.
Die mama in Vleteren draait morgenochtend opnieuw de kraan open. Ze vult een glas. Ze geeft het aan haar peuter.
Ze denkt er niet bij na.
Ze vertrouwt.